Officiële start versnellingsprogramma Lage Temperatuur Aardwarmte (LTA)

24.02.2026

Op 12 februari 2026 organiseerde Geothermie Nederland, in opdracht van het ministerie van Klimaat en Groene Groei (KGG) en RVO, de startbijeenkomst van het versnellingsprogramma Lage Temperatuur Aardwarmte (LTA). De belangstelling was groot: met 100 aanwezigen was de bijeenkomst bij Bar Beton in Utrecht zelfs overtekend.

Tijdens deze middag werd het officiële startsein gegeven voor het programma dat loopt van 2025 tot en met 2029 en gericht is op het versnellen van lage temperatuur aardwarmte (voorheen bekend als Lage Temperatuur Geothermie, LTG). Overheden, marktpartijen, kennisinstellingen en uitvoeringsorganisaties kwamen samen om geïnformeerd te worden over de doelstellingen, aanpak en kansen van het programma en om actief mee te denken over de verdere uitwerking.

Lage temperatuur aardwarmte als schakel in de warmtetransitie

Dagvoorzitter Hans Bolscher (voorzitter Geothermie Nederland) opende de bijeenkomst samen met Luc Mutsaers (ministerie van KGG). In de opening benadrukte Mutsaers het belang van lage temperatuur aardwarmte voor de verduurzaming van de warmtevoorziening in Nederland.

“Bijna de helft van onze energieopgave zit in warmte. Als we onze klimaatdoelen serieus nemen, moeten we juist daar versnellen. Lage temperatuur aardwarmte kan een betrouwbare, lokale bron zijn, dicht bij de plek waar de warmte wordt gebruikt.”

Met circa 90 miljoen euro uit het Klimaatfonds wordt ingezet op concrete projecten, innovatie, proefboringen in data-arme gebieden en structurele kennisdeling. Het programma staat daarbij niet op zichzelf. Ook voor hoge temperatuur geothermie is financiering beschikbaar en onder leiding van een Rijksregisseur wordt gewerkt aan een breder versnellingsplan voor geothermie, inclusief de ontwikkeling van robuuste warmtenetten als cruciale afnemers van aardwarmte.

“Het gaat niet om of-of, maar om én-én. We hebben alle varianten van aardwarmte nodig om de energietransitie mogelijk te maken,” aldus Mutsaers.

Doelstelling: van belofte naar toepasbare praktijk

Het versnellingsprogramma LTA ondersteunt de opschaling van lage temperatuur aardwarmte via een samenhangende aanpak waarin beleidsontwikkeling, kennisopbouw en ondersteuning in de vroege projectfase hand in hand gaan.

Het doel is helder: lage temperatuur aardwarmte laten doorgroeien van een belofte op papier naar een serieus en toepasbaar onderdeel van de duurzame warmtevoorziening.

Projecten in dit segment zijn vaak nieuw en kennen onzekerheden rondom ondergrond, risico’s en financiering. Het programma wil deze drempels verlagen door:

  • het delen van risico’s in de vroege fase;
  • beter inzicht in de ondergrond;
  • ondersteuning van voorbeeldprojecten;
  • actieve kennisdeling en monitoring.

De inzet is nadrukkelijk dat volgende projecten sneller, voorspelbaarder en kostenefficiënter gerealiseerd kunnen worden.

Drie programmalijnen

Tijdens de bijeenkomst werden de drie programmalijnen toegelicht:

  1. Kennis, innovatie en flankerend beleid

Binnen deze lijn wordt ingezet op kostprijsreductie, optimaal gebruik van bestaande subsidieregelingen (zoals MOOI en DEI) en verdere kennisontwikkeling over de ondergrond. Ook wordt gekeken naar kansrijke zoekgebieden, waarbij gebruik wordt gemaakt van bestaande ervaringen (zoals SCAN) en een adviesgroep betrokken wordt bij keuzes.

  1. Subsidie Opschaling Lage Temperatuur Aardwarmte (SOLTA)

Deze subsidieregeling richt zich op concrete voorbeeldprojecten die versneld gerealiseerd moeten worden. De maximale subsidie per project bedraagt 14 miljoen euro. Publicatie in de Staatscourant wordt deze zomer verwacht, met openstelling in het najaar en een openstellingsbudget van 14 miljoen euro.

De regeling wordt voorafgegaan door een marktconsultatie, waarvoor tijdens de bijeenkomst input is opgehaald.

  1. Kennis & community

Deze lijn richt zich op het structureel delen van inzichten, data en ervaringen. Er wordt gewerkt aan een framework voor kennisdeling, kennisevents en thematische workshops. Dataverzameling is een belangrijk onderdeel, met aandacht voor standaardisatie van boorgatdata en productiegegevens, zodat de sector gezamenlijk kan leren en verbeteren.

Via Mentimeter-vragen werd tijdens de bijeenkomst opgehaald welke achtergronden en kennisbehoeften er leven bij deelnemers.

Praktijkvoorbeeld: Mijnwater

Een belangrijk onderdeel van het programma is het ondersteunen van voorbeeldprojecten. Tijdens de bijeenkomst gaf Ria Doedel een toelichting op het project Mijnwater in Heerlen, dat al een maatwerkbeschikking heeft ontvangen binnen het programma.

Mijnwater maakt gebruik van oude mijngangen en gemijnde steenkoollagen op een diepte van 250 tot 700 meter. De boring, gepland voor zomer 2026, levert waardevolle inzichten op voor lage temperatuur aardwarmte in data-arme gebieden. Het project deelt actief productie- en monitoringdata, zodat de hele sector hiervan kan leren.

Samen versnellen

De startbijeenkomst werd afgesloten met twee breakout-sessies:

  • een sessie over data-arme gebieden, innovatie en kennisgemeenschap,
  • en een marktconsultatie over de SOLTA-regeling.

De hoge opkomst en actieve betrokkenheid onderstrepen dat er brede bereidheid is om samen te werken aan de verdere ontwikkeling van lage temperatuur aardwarmte.

Zoals tijdens de opening werd benadrukt: dit is geen programma van de overheid alleen, maar een gezamenlijk programma van sector, overheden en kennisinstellingen. Met openheid, realisme en vooral versnelling.

Het doel is helder: over een paar jaar concrete projecten realiseren waarmee daadwerkelijk woningen, gebouwen en kassen duurzaam worden verwarmd.